eo wijersprijsvraag: tekenen van/ voor verandering

Februari 2026 | tekst: Karin Elema | beelden: Eo Wijersstichting

Hoe kun je een gebied en haar inwoners door ruimtelijke ingrepen gezonder maken? Met ongeveer die vraag zijn teams voor de 13e Eo Wijersprijsvraag aan de slag gegaan. Eén van de drie daarvoor te verkennen gebieden is de grensregio Drenthe-Overijssel. Ooit was een groot deel van deze regio een wingewest door het afgraven van hoogveen, waarin de opbrengsten bepaald niet ten goede kwamen aan het gebied en de bewoners. De negatieve effecten daarvan op gezondheid en welzijn zijn er nog steeds merkbaar.

Anders denken en doen voor een gezonde toekomst
De vraagstelling lijkt een beetje op twee gedachten te hinken. Enerzijds lijkt die uit te gaan van maakbaarheid van de samenleving. Dat roept vragen op over het (on-)vermogen van ruimtelijk ontwerp om daaraan positief bij te dragen. Tegelijk kun je er het besef in lezen dat ruimtelijk ontwerp over veel meer gaat dan een fysieke ingreep. Ontwerp leidt niet één op één tot geluk en gezondheid, maar het raakt er aan, zoals het aan veel meer aspecten raakt. De wereld is sterker onderling verweven dan we tot voor kort wilden denken. Wat betekent dat voor planning en ontwerp?

Lange tijd waren ontwerpen en bouwen vooral op een eindpunt gericht; de oplevering of een mooie publicatie in een vakblad. De locatie als een onbeschreven blad, alsof zich daar geen leven afspeelde. Landschappen als gebieden waaraan je zo ongeveer je wil kon opleggen of er aan onttrekken wat je nodig dacht te hebben. De geschiedenis van het plangebied is er een voorbeeld van. Daar is ruimte voor verbetering.

Het past in het grotere plaatje van een extractieve en lineaire manier van denken en doen. Een geldgerichte benadering waarbij je niet verder kijkt dan je neus in tijd en ruimte lang is. Die mindset is nog steeds diep verankerd in de westerse maatschappij, en ongewild vaak ook in onszelf. Het is een manier van denken en doen die nu tegen grenzen aanloopt. Wereldwijd én lokaal leidt het tot vastlopen en crises.

De prijsvraag: tekenen van verandering
Problemen kun je niet oplossen vanuit dezelfde benadering die ze heeft veroorzaakt. Er zijn nieuwe wegen nodig om bij een gezonde bloeiende toekomst uit te komen. De Eo Wijersprijsvraag toont volop tekenen van verandering in de goede richting. In de vraagstelling én in de inzendingen herken je daarbij soms de spagaat waarin we in deze tijd leven: met één been nog vast in oude patronen die niet meer behulpzaam zijn, met het andere been aftastend naar nieuwe wegen.

De uitschrijver kiest voor een tijdshorizon van drie generaties, voorbij het huidige korte termijn denken. Dat nodigt uit om niet alleen over uitkomsten te denken, maar ook over processen. Daarbij wordt nadrukkelijk naar de samenstelling van het team gevraagd. Voor een breed perspectief op de opgave en op aantrekkelijke toekomstbeelden hebben ruimtelijk ontwerpers de oren, ogen en het meedenken van anderen nodig. Sommige teams bestaan alleen uit ontwerpers, andere zijn daarnaast verrijkt met teamleden zoals een huisarts, filosoof of theoloog, en mensen die het gebied van binnenuit kennen.

Het ideale plan?
In een ideale gezonde toekomst is er een relatie van zorgzame betrokkenheid tussen mensen en hun leefgebieden. Niet alleen hier, maar wereldwijd. Zoiets is alleen van dichtbij mogelijk; je moet elkaar daarvoor goed genoeg kennen. Daarom is lokale regie belangrijk, waarbij geen geld, goed of gif ophoopt of onttrokken wordt. Dat is nu op zijn best nog toekomstmuziek, maar het kan als kompaskoers dienen bij het inslaan van nieuwe wegen. In een groot deel van de inzendingen schemert zo’n kompaskoers door.

  • Je zou kunnen stellen dat een ideale inzending op drie samenhangende aspecten ingaat:
    Het doorgronden van de eigenheid van het gebied en de probleemstelling, inclusief de unieke kansen die er sociaal, ecologisch en economisch liggen. Je zou ook kunnen zeggen: het levende ‘materiaal’ waarmee en waarvoor je ontwerpt heel goed kennen.
  • Van daaruit een op maat gesneden en inspirerend plan dat mensen in beweging kan zetten.
  • Een geloofwaardig bijpassend plan voor de aanpak; hoe kom je van nu naar het gewenste resultaat? Alleen als het resoneert bij lokale spelers, kan het werkelijkheid worden.

Wat opvalt aan de inzendingen, is dat ze in dit opzicht enorm veelkleurig zijn. De ideale inzending is er -nog- niet, daarvoor is de eerste ronde van de prijsvraag te beknopt.

Sommige inzenders leggen de nadruk op het proces. Hoe het eruit gaat zien is dan soms wat minder helder (zoals Aderen geven AdemRUIMTE). Om binnen het thema te blijven: het gaat om een behandeltraject. ‘Goed voor mekaar!’ onderzoekt met name hoe een en ander financieel en organisatorisch zou kunnen werken. ‘Samen sterk in een netwerk van nabijheid’ heeft het meest geloofwaardige voorstel voor een aanpak die geënt is op wat er leeft en speelt in het gebied. De deskundigheid van het team op dit vlak is aan de inzending afleesbaar.

Indiening Aderen geven AdemRUIMTE

‘We doen het zelf wel!’ komt met concrete vernieuwende ideeën, zoals de introductie van een burgerbodemwaterschap waarin toekomstige generaties mede-eigenaar zijn. Of Het Zelfschap!: een collectief regionaal fonds waarin burgers, boeren, ondernemers én het bodem- en watersysteem aandeelhouders zijn. Hoe je dat van de grond krijgt, vraagt verdere uitwerking, maar de ideeën zijn uitdagend en interessant.

Indiening We doen het zelf wel!

Transitie van de landbouw is in vrijwel alle inzendingen een uitgangspunt. Hoe je die in gang zet is vaak nog de vraag. De bedenkers van Het Landschap als Drager van Geluk en Gezondheid promoten daarvoor regionale productiehubs om coöperaties van lokale boeren te ondersteunen bij productie van biobased materialen, bijvoorbeeld met gedeelde oogstmachines, faciliteiten voor materiaalverwerking en kennisdeling.

Indiening Het Landschap als Drager van Geluk en Gezondheid

Tegenover de procesmatige insteek staat het accent op één oplossing voor het veronderstelde probleem; een gericht medicijn tegen de kwaal. Denk aan een vergroot aanbod van mogelijkheden om te sporten (‘Van zwoegen naar zweten’), uitrollen van voedselbosbouw op grote schaal (‘Van wingewest naar welzijnslandschap’) of grootschalige vernatting en veenvorming (‘Een Geturfd Landschap’). Het gevaar daarvan is, dat het nog steeds een oplossing is die top-down opgelegd wordt aan het gebied en minder rekening houdt met wat er werkelijk leeft. Het gaat ook voorbij aan de veelkleurigheid aan landschapstypes die er binnen het gebied bestaat.

Achter verschillende plannen liggen aannames verscholen over hoe inwoners zich zouden kunnen gaan gedragen, bijvoorbeeld als het over fietsen in plaats van autorijden gaat. Het lijkt soms alsof daar wat veel door een stedelijke bril en van een afstand over gedacht is. Aan ‘Aderen geven AdemRUIMTE’ is de affiniteit met het plangebied af te lezen. De inzending maakt terecht onderscheid tussen verschillende landschapstypen in het gebied en zet sterk in op ontwikkeling van binnenuit. Drie teams gaan door naar de tweede ronde. Daaronder zijn zo te zien geen inzenders die hun wortels in de regio hebben. Dat is jammer, want zo komen de plannen voor dit gebied toch weer van buitenaf- de Randstad. Hopelijk biedt de vervolgfase genoeg ruimte voor grondige input vanuit het gebied zelf.

Winst
Een prijsvraag is een soort wedstrijd, maar een sfeer van competitie, winnen en verliezen hoort misschien meer bij oude dan bij toekomstgerichte manieren van denken en doen. De prijsvraag roept veel interessante vragen op en er is door de deelnemers een schatkist vol boeiende ideeën geleverd. De grootste winst zal zijn, als we er in de regio Drenthe-Overijssel mee aan de slag gaan en werk maken van een inspirerende toekomstbestendige regio. Laten we tekenen voor verandering!

Bekijk de inzendingen op deze site:
Inzendingen – Eo Wijersstichting

Bij ArchitectuurPunt Drenthe gaan we graag het gesprek aan over ruimtelijke kwaliteit in Drenthe. Wilt u reageren of heeft u suggesties naar aanleiding van dit artikel? Mail ons!